Damon Hill kennen we vandaag de dag als analist van het Britse Sky Sports F1, maar de Engelsman was tussen 1992 en 1999 succesvol in de Formule 1. Vandaag is het exact 28 jaar geleden dat hij zijn eerste en enige wereldkampioenschap pakte. GPToday.net neemt je mee naar die dag.
Damon Graham Devereux Hill kwam op 17 september 1960 ter aarde in Hampstead, een wijk in Londen. Hill leefde in een groot huis in de Britse hoofdstad, waar hij woonde met zijn moeder Bette, zijn zussen Samantha en Brigitte en zijn bekende vader Graham - die in 1962 en 1968 twee wereldtitels in de Formule 1 won en de enige coureur is die de ‘Triple Crown’ op zijn naam heeft staan. Doordat zijn vader in de Formule 1 reed, was Damon al op jonge leeftijd gewend aan bezoek van familievrienden als Jim Clark, John Surtees en Jackie Stewart.
Hill was echter totaal niet geïnteresseerd in autoracen, hij vond het eigenlijk zelfs saai om naar te kijken. De Brit was veel meer geïnteresseerd in motoren. Op 11-jarige leeftijd kreeg hij daarom ook een kleine motor van Graham, die zijn zoon wel begreep. Graham was voordat hij ging autoracen namelijk ook veel meer geïnteresseerd in motoren. Damon reed vaak op zijn motor, maar besloot er nog niet mee te gaan racen.
Vliegtuigongeluk
Vier jaar later, op 29 november 1975, kwam het gezinsleven van de Hills volledig op zijn kop te staan. Op die datum kwamen Graham en vijf andere leden van zijn F1-team, Embassy Racing with Graham Hill, om bij een vliegtuigongeluk. Ze keerden terug uit Zuid-Frankrijk, waar het team de nieuwe Hill GH2-bolide had getest op het circuit van Paul Ricard. Graham, die het vliegtuig bestuurde, had geprobeerd om ’s nachts in mistige omstandigheden te landen nabij de golfbaan in Arkley [Londen, red.], maar dit ging compleet mis en het vliegtuig crashte.
Een onderzoek naar de vliegtuigcrash leverde geen doorslaggevende resultaten op, maar een fout van de piloot werd als meest waarschijnlijke verklaring beschouwd. Bovendien bleek dat de papieren met betrekking tot het vliegtuig ongeldig waren, waardoor de andere vijf families juridische stappen besloten te ondernemen tegen de nalatenschap van Graham. Bette Hill werd zodoende aansprakelijk gesteld, en de verzekeringsclaims veegden zo alle spaargelden van het gezin weg, waardoor de familie Hill moest leven onder zeer beperkte financiële omstandigheden.
Dat betekende voor Damon dat wanneer hij iets wilde doen, hij het zelf moest financieren. Hill wilde altijd al studeren en heeft vier studies gedaan: Engels, geschiedenis, economie en bedrijfskunde. Om dit te kunnen betalen, werkte hij als arbeider en motorkoerier. Het rijden op de motor, wat hij al van kinds af aan leuk vond, leidde ertoe dat hij in 1981 begon met racen op motoren. Na advies van zijn moeder besloot hij toch om van motoren over te stappen naar auto's, een zet die uiteindelijk vrij goed uitpakte.
Williams geeft Hill een kans
In 1985 vond Damon genoeg sponsoring om een seizoen in de Formule Ford te gaan racen, waar hij veelbelovend was maar niet hoog werd aangeslagen. Hetzelfde gold voor de Britse Formule 3, waar hij in drie jaar tijd slechts drie races wist te winnen. Daarna reed hij onder andere in de Formule 3000, het British Touringcars Championship en Le Mans, maar allemaal zonder veel succes. Toch wist hij de Formule 1 te halen door zijn mentaliteit om altijd hard te werken. Dat werd door het team van Williams zo gewaardeerd dat ze Hill in 1991 inhuurden als testcoureur.
In 1992 maakte hij op 32-jarige leeftijd zelfs zijn F1-debuut. Na drie Grands Prix mocht hij Giovanna Amati vervangen bij Brabham, maar dat werd uiteindelijk een ramp. Damon wist zich slechts twee keer te kwalificeren in acht races, maar kreeg een jaar later eindelijk de kans waar hij altijd op gehoopt had. Naast Brabham-coureur was hij nog altijd testcoureur bij het team van Williams. Daar waren ze zo tevreden over zijn testwerk dat hij vanaf 1993 fulltime Williams-rijder werd, toen regerend wereldkampioen Nigel Mansell de Formule 1 verliet.
Hill, die Alain Prost als teamgenoot kreeg, kende een prima eerste jaar bij Williams. Hij behaalde op de Hungaroring zijn eerste overwinning in de Formule 1, waarmee hij de eerste zoon van een Formule 1 Grand Prix-winnaar werd die zelf een overwinning behaalde. Ondanks deze overwinning was hij duidelijk minder dan zijn Franse teamgenoot, die in 1993 zijn vierde wereldtitel pakte. Hill eindigde wel als derde in het kampioenschap, onder andere door de tien podiumplaatsen en drie overwinningen die hij behaalde dat jaar. Maar dat was niet het doel van Hill die wereldkampioen wilde worden.
Schumacher is Hill tweemaal de baas
Daar moest de Brit nog wel even op wachten, al kwam hij in 1994 heel dicht bij zijn eerste titel. Nadat Ayrton Senna, die de gestopte Prost had vervangen bij Williams, tijdens zijn derde race bij Williams om het leven kwam op Imola, werd Hill de nieuwe leider van het team. Hij moest echter wel een grote achterstand goedmaken op Michael Schumacher (Benetton), die halverwege het seizoen 37 punten meer had verzameld dan Hill. Maar alles veranderde vanaf de GP van Groot-Brittannië. Schumacher werd op Silverstone gediskwalificeerd, omdat hij een stop-and-go-penalty niet op tijd had ingelost en een zwarte vlag negeerde, en kreeg daar nog eens een schorsing van twee races bovenop.
Hill kreeg zo de kans om flink in te lopen en greep die kans met beide handen aan. Mede door vier overwinningen bracht hij de titelstrijd naar het laatste race in Adelaide, waar Schumacher aan het weekend begon met één punt voorsprong. Zijn kampioensstrijd in 1994 met Schumacher eindigde echter op controversiële wijze, toen ze met elkaar in botsing kwamen tijdens de laatste race in Australië. Beide mannen vielen uit, waardoor de Duitser kampioen werd. Schumacher werd beschuldigd van het opzettelijk uitschakelen van zijn rivaal, terwijl anderen van mening waren dat Hill de crash had kunnen voorkomen.
Nadat Hill in 1995 opnieuw zijn meerdere moest erkennen in de Duitser, moest het gaan gebeuren in 1996.
Rookie Villeneuve daagt Hill uit
Dat jaar kreeg Hill een nieuwe teamgenoot, de Canadees Jacques Villeneuve. En die maakte het Hill meteen lastig. Zo leek Villeneuve de openingsrace meteen te gaan winnen, maar de Canadees kreeg aan het einde van de GP van Australië met een olielek te maken. Villeneuve moest Hill daarom voorbij laten, maar kwam nog wel als tweede over de finish.
Williams was dat jaar zo dominant, dat de titelstrijd tussen de Brit en de Canadees ging. Na twaalf van de zestien races had Hill zeven overwinningen op zijn naam geschreven, terwijl Villeneuve er drie had. De Canadees eindigde echter constant op het podium, waardoor de Brit niks kon laten liggen. Dat deed hij echter wel. Op Monza, de veertiende race van 1996, kon Hill de titel veiligstellen als hij de race zou winnen en zijn teamgenoot buiten de punten zou finishen. Hill startte vanaf pole en behield de leiding, maar in ronde zes ging het helemaal mis. De Brit maakte een fout, spinde en zag zijn race tot een einde komen. Villeneuve scoorde ook geen punten, waardoor het verschil in het kampioenschap dertien punten bleef met nog twee Grands Prix te gaan. Toen Villeneuve in Portugal ook nog won, voor teamgenoot Hill, kwam het allemaal aan op het laatste weekend in Japan.
13 oktober 1996: De Grand Prix van Japan
Hill begon het raceweekend in Japan met negen punten voorsprong op Villeneuve, wat betekende dat de Canadees alleen kampioen kon worden wanneer Hill uitviel en hijzelf de winst zou pakken op Suzuka. Villeneuve zette een eerste stap naar zijn overwinning op zaterdag, toen hij tijdens de kwalificatie op zeer dominante wijze de pole pakte. Hill werd wel tweede, maar moest ruim vijf tienden toegeven op zijn teamgenoot.
De zondag was voor beide mannen erg spannend, zeker voor Damon Hill, die al wist dat hij het jaar daarna vervangen zou gaan worden door Heinz-Harald Frentzen. Het zou waarschijnlijk zijn enige en laatste kans zijn op een wereldkampioenschap in de Formule 1. Het weer maakte het erg echter niet makkelijker op. Door de regen net voor de race was ook al het rubber van de voorgaande dagen weggevaagd, waardoor er nauwelijks een gripvoordeel was voor Villeneuve, die acht meter voor zijn teamgenoot mocht starten. Alle zenuwen in de cockpits moesten echter nog langer worden gestild toen Coulthard vanaf P9 stilviel en een tweede formatieronde in gang zette. Misschien was de geschiedenis anders gelopen als de Schot niet stil was komen te staan, maar bij de tweede start ging het helemaal mis voor Villeneuve. De Canadees was met een te laag toerental vanaf de startlijn vertrokken en viel terug naar P6, terwijl Hill een droomstart kende en de leiding overnam. Deze gaf hij uiteindelijk ook niet meer weg.
Al had het ook nog anders af kunnen lopen. Hill wist, nadat Villeneuve ver was teruggevallen, dat hij zijn auto alleen op de baan moest houden, en besloot vooraan het tempo te controleren. Misschien was zijn snelheidsbeheersing iets te veel voor de achtervolgers, want Gerhard Berger, die op P2 reed, zette al vroeg in de race een inhaalactie in bij de Casio Chicane. De Oostenrijker kwam van ver en raakte Hill zelfs. Hierdoor brak de voorvleugel van Benetton. Damon, die zich niet eens bewust was van de botsing, had op een of andere manier geen lekke band, en hij liep steeds verder uit doordat Berger de rest ophield.
Villeneuve lag halverwege de race eindelijk weer in de top vier, na inhaalacties op Berger en Irvine. Hij reed vervolgens snelste ronde na snelste ronde en deed er alles aan om zijn titelkansen levend te houden, maar in ronde 37 kwam zijn race tot een einde. Het rechterachterwiel van de Canadees brak af bij bocht één, waardoor hij in de vangrail terechtkwam en Hill zeker was van het kampioenschap.
Uiteindelijk was het ook de enige titel van Hill, die na mislukte avonturen bij Arrows en Jordan in 1999 afscheid nam van de Formule 1. Wat Hills titel extra bijzonder maakte is dat hij de eerste zoon van een wereldkampioen werd die ook een titel pakte.
Damon Hill
Posts: 18.936
Wat was 1994 eigenlijk een knettergek en zwart jaar. Even een opsomming... waarbij ik misschien nog wel dingen vergeet:
- Jos Verstappen die in zijn debuutrace door Irvine van de baan wordt geramd, en via een spectaculaire salto uitvalt. Irvine krijgt uiteindelijk een schorsing voor 3 races. DRI... [Lees verder]